Oud-fiscalist: “Adviesrol accountant gaat groter worden”

Oud-accountant over de toekomst van de sector

Na bijna 15 jaar in de accountancy wereld nam fiscaal jurist en econoom Marco Vermin per 1 april ‘24 afscheid van Alfa accountants en adviseurs. En daarmee ook van zijn vak. Reden voor Accountantweek om met hem terug te blikken op de veranderingen in de sector en te vragen naar zijn voorspellingen over de toekomst van de accountancysector.

Vandaag deel I van een interview in twee delen. Het tweede deel verschijnt komende donderdag.

In de afgelopen decennia heeft Marco Vermin het vak van de MKB accountant zien transformeren van het helpen bij het opstellen van het jaarrekening en doen van aangiften – de compliance werkzaamheden– naar een meer adviserende en strategische rol voor de accountant binnen bedrijven. “Was men vroeger blij dat de accountant de boekhouding deed, de BTW berekende en misschien een fiscale truc uithaalde, tegenwoordig moet de accountant meedenken over de strategie van een onderneming.” Vermin noemt dat ‘werken vanuit de getoetste klantbehoefte’. Volgens de accountant in ruste Vermin wordt de binding van de accountant met de klant daardoor ook sterker en intensiever.

Afscheid nemen van klanten

Deze uitdijende dienstverlening van MKB accountants aan klanten, heeft tot gevolg dat steeds meer werk gevraagd wordt van accountantskantoren. Met de huidige krapte op de arbeidsmarkt is dat een probleem, zo erkent Vermin. Door het tekort aan mensen zullen volgens hem dan ook beslissingen gemaakt moeten worden, zo waarschuwt hij: “Kantoren komen voor de keuze te staan met welke klanten ze nog wel willen samenwerken en van welke klanten afscheid moet worden genomen.” De oud belasting ambtenaar voorspelt dat de MKB accountant nog meer dan voorheen de rol van sparringpartner voor het bedrijfsbestuur op zich zal moeten nemen. Maar hij haast zich om daar aan toe te voegen dat de accountant nooit op de stoel van de bestuurders moet gaan zitten.

Arbeidsmarkt

Vermin voorspelt dat de arbeidsmarkt voor fiscalisten en accountants langere tijd gespannen zal blijven. Als lid van de Raad van Bestuur van Alfa rekent hij voor dat er jaarlijks bijvoorbeeld ongeveer 700 hooggeschoolden fiscalisten van de opleidingen afkomen, terwijl de overheid alleen al de komende jaren jaarlijks 1200 fiscalisten per jaar aan wil trekken. En ook zijn ‘eigen’ kantoor Alfa kampt met deze uitdaging. Zijn voormalig werkgever heeft momenteel meer dan 100 vacatures open staan“ terwijl de Zuid-As triangle een soort Bermuda-driehoek is geworden voor financieel hooggeschoold personeel. Die slokt als eerste de meest beschikbare capaciteit op.”

Mede vanuit zijn bestuursfunctie in de internationale koepel voor accountants, DFK International, ziet hij een groeiend aanbod van goed geschoolde Assurance  en MKB accountants uit landen zoals in Oost Europa en ook vanuit Zuid Afrika. Een deel van de Nederlandse bedrijven kan daar naar toe uitwijken, “Europees brede regelgeving en standaarden helpen daarbij”. Desondanks is het weghalen van personeel bij andere kantoren nog steeds ‘een trend’ waaraan ook zijn voormalige kantoor meedoet. Wel maakt hij daarvoor onderscheid in de mogelijkheden van de grote corporates versus het meer lokaal georiënteerde MKB: “De grote jongens doen alles al in het Engels dus die kunnen makkelijker werken met buitenlandse kantoren. Maar voor de kleinere bedrijven is een accountant die Nederlandse taal begrijpt en spreekt belangrijk.” [Artikel gaat verder na de volgende alinea]


Als toonaangevende bron voor accountantnieuws, strategieën en inzichten in finance en accountancy, helpt accountantweek.nl accountants, controllers en hoger financieel management om voorop te blijven lopen. Schrijf u daarom nu in voor de heldere, korte en makkelijk leesbare nieuwsbrief van Accountantweek voor een overzicht van al het relevante nieuws, alle unieke en inspirerende (netwerk)evenementen en belangrijkste meningen of volg ons op Linkedin.


Over Private Equity in accountancy

De schaarste aan accountants en fiscalisten leidt tot opdrijving van de prijzen voor de dienstverlening, waardoor investeerders in toenemende mate hun oog laten vallen op lucratieve overnames en deelnemingen in de sector. Toch is Marco Vermin niet onverdeeld positief over de groeiende interesse vanuit private equity: “enkele goede uitzonderingen daargelaten, zitten de meeste private equity partijen er meestal in voor het korte termijn rendement. Binnen een paar jaar willen ze met winst verkopen.”

Op de vraag of dat model ook van toepassing is op partners die deelnemen in kantoren, antwoord hij dat partners er weliswaar ook deels in zitten om hun partnerschap te gelde te maken maar toch tonen ze een andere vorm van betrokkenheid. Hij wijst er op dat de periode die nodig is om vertrouwen op te bouwen zich slecht verhoudt tot een lucratieve en snelle exit, zoals investeerders die willen; “Accountancy is simpel gezegd een business in trust. Dat is met korte termijn investeerders toch anders dan met partners die noodzakelijke transformaties willen doorvoeren.” Is er dan helemaal níets goed aan investeringen door PE?  “Het kan er voor zorgen dat PE de druk in de sector op gaat voeren waardoor veranderingen sneller en eerder doorgevoerd gaan worden zoals onder andere investeringen in AI en technologie. Maar ook zal het bij de grotere kantoren helpen een fundamentele verandering aan te brengen in het traditionele partner aansturingsmodel”

IT, digitalisering, data en AI

Fiscalist Vermin verwacht overigens dat investeringen in automatisering en digitalisering de komende jaren onvermijdelijk zijn. Hij noemt zichzelf –naast overtuigd christen— gekscherend ook ‘een gelovige van data, AI en automatisering in de accountancy’. Maar anderzijds geeft hij toe dat dit niet alle problemen in de sector op zal lossen. Reden van deze ontoereikendheid is onder meer de complexe regelgeving in het algemeen en de verplichte rapportage op het gebied van ESG en verduurzaming in het bijzonder: “Milieu en ESG gaan in de keten –waarin MKB en Agri bedrijven een schakel vormen— komende jaren een belangrijk thema worden”, zo voorspelt Vermin “want kleine bedrijven zijn vaak toeleverancier van bedrijven die over hun hele keten moeten rapporteren.” De jaarverslagen moeten dat in beeld gaan brengen en naar de buitenwereld gaan communiceren.

Accountants kunnen volgens hem het vertrouwen geven dat door tech, in beginsel, niet kan worden geboden. Wel kunnen data en analyses van de data in de cloud helpen bij de dienstverlening en de beantwoording van vragen van klanten. Vermin vergelijkt de rol van de accountant van de toekomst dan ook met de rol van de bestuurder in een zelfrijdende auto: “Ik laat de technologie van de auto het werk doen en met mijn jarenlange ervaring controleer ik of hij het goed doet en stuur ik bij als het moet. Zo zal de accountant in de toekomst omgaan met tech en AI.” Kortom: de digitale data en automatisering zijn nodig maar de ervaring, kennis en kunde van de adviserende accountant zijn minstens zo belangrijk. Het blijft immers mensen relatiebusiness.

Na een start als werkstudent bij een benzinepomp begon Marco Vermin zijn carrière bij de belastingdienst. Daar studeerde hij tevens af als fiscaaljurist en econoom aan de universiteit van Utrecht en Tilburg. Een late ommekeer in zijn persoonlijke leven zorgde ervoor dat hij zijn baan bij de overheid inruilde voor een positie bij een stichting die actief is met asielzoekers en kerken in Nederland en daar buiten. Nadat hij dat bijna 10 jaar met heel veel plezier en inzet had gedaan kwam hij op een wonderlijke wijze terecht bij Alfa  accountants en adviseurs –onder meer vanwege zijn ondernemende en enthousiaste geest en leidinggevende capaciteiten. Hij startte er in 2009 als clusterdirecteur maar als snel werd hij gevraagd bestuurder te worden van de gehele organisatie.

Van Alfa Accountants & adviseurs naar nieuw fusiebedrijf

Intussen is de keten in onder meer agri-, transport, zakelijke dienstverlening en recreatie gegroeid van 60 miljoen omzet en 600 personeelsleden, naar meer dan 1200 medewerkers die 123 miljoen omzet maken. Daarnaast fuseert Alfa met ABAB in juni 2024 en opereert vanaf 2025 onder de nieuwe naam aaff. Samen vormen ze dan een B-Corp die volledig in handen is van haar circa 2000 medewerkers met 200 miljoen euro te verwachten omzet.

Politieke of welzijnstoekomst?

Zijn vrijwillige vertrek bij Alfa maakt dat hij naast zijn bestuurdersfunctie ook zijn internationale bestuursfunctie bij DFK International moet neerleggen. Na een retraite in een Alpenklooster hoopt hij in de toekomst een functie te mogen vervullen als toezichthouder of bestuurder. Hij is actief betrokken geweest bij de CU, ‘dus wellicht ligt er in de politiek ook nog een rol voor mij’.